Populisme over de rug van woningzoekenden
Het einde van het reces is in zicht en met Prinsjesdag in het vooruitzicht, krijgt het politiek populisme nieuw momentum. Dat de woningnood daar niet van zal opknappen, is een feit.

Het einde van het reces is in zicht en met Prinsjesdag in het vooruitzicht, krijgt het politiek populisme nieuw momentum. Dat de woningnood daar niet van zal opknappen, is een feit.

Het woord 'crisis' is een variant op het woord 'incident'. Het verliest betekenis als het de norm is geworden. En aangezien het vinden van een huurwoning al langer totaal onmogelijk is, wordt het tijd om de term te gebruiken die de situatie beschrijft: faillissement. Woonfaillissement.

'Van winst pakken is nog nooit iemand failliet gegaan' sprak vastgoedbelegger Peter Reijnierse toen ik hem sprak over het feit dat heel Holland z'n vastgoed verkoopt. En bám, daar was weer die twijfel: waarom verkoop ik niet alles? Gewoon álles. En dan opnieuw beginnen; waarom niet?

Een prachtige woning op een plek waar je niet dood gevonden wilt worden - nou ja, ik niet. Maar de woning is top. Categorie opknapper, van fundering tot tuin. 260 vierkante meter, monumentaal, asbest, loden leidingen - alles waar ze bij het Binnenhof ook tegen aanlopen zeg maar.

Ik moest even opzoeken wie Assar Lindbeck was, aangezien de man - bij leven hoogleraar economie aan de universiteit van Stockholm en aan het onderzoeksinstituut voor industriële economie - werd geciteerd onder een LinkedIn-post van Vastgoedmarkt.

Het is de dag dat de voormalig minister van Volkshuisvesting Hugo de Jonge gehoord wordt door de parlementaire enquêtecommissie. Niet over de wooncrisis, daar is het nog te vroeg voor.

Terwijl Jasper H. van Dijk, onderzoeksleider bij het Instituut voor Publieke Economie zich in de Volkskrant afvraagt hoe de Tweede Kamer en het ministerie van Volkshuisvesting tegen alle adviezen in de Wet betaalbare huur konden doorvoeren, gaan ze bij VRO vrolijk door met nóg meer wetgeving: een huurregister.