Door een speling van het lot leerden wij elkaar kennen, een andere speling maakte dat het klikte en weer een ander toeval zorgde ervoor dat ik ging schrijven. Publiceren, moet ik zeggen want schrijven deed ik al maar dat je met schrijven je brood kon verdienen, wist ik niet. Op dat moment had ik een carrière, ik was business development manager bij Wolters Noordhoff en reed in een Saab. Theo vond me een yup, ik dacht alleen maar: WTF ben ik mee bezig?!

De rente stond hoog, mijn inkomen was dat ook en ik woonde in het mooiste huis van Amsterdam, althans dat vond ik. Anderen vonden Bos en Lommer destijds een achterbuurt maar laten we Theo’s woord geloven: ik leefde als een yup.
GEFELICITEERD!
Daar is de afgelopen 22 jaar weinig verandering in gekomen. Behalve dan dat Theo me uit mijn leven gered heeft: die corporate baan ging aan de wilgen, zodra mijn eerste boek uitkwam met columns in 2004. Wolters Noordhoff wilde niet geassocieerd worden met iemand die gelieerd was aan Theo van Gogh en besloot mijn functie te ‘herstructureren’. Een ander woord voor ‘we gaan je ontslaan maar dat kan niet dus we noemen het herstructureren’. Nu was deze yup niet op haar achterhoofd gevallen, ik was mijn corporate carrière gestart bij ING en zag dat we daar het geld met dubbeltjes verdienden terwijl het bij de uitgeverij tegen de plinten op klotste. Dat die tijden zouden veranderen, konden we 22 jaar geleden nog niet bevroeden maar enfin, hier zijn we dan. Dus ik leunde achterover, keek de directeur vriendelijk aan en zei: ‘Ik hoor dat je mijn functie gaat herstructureren, prima hoor. Wat ga ik dan nu doen?’.
Lang verhaal kort, in de parkeergarage was Theo de eerste die ik belde vanuit de Saab: ik ben ontslagen! Ik hoor het hem nog zeggen: GEFELICITEERD!!!
Politiek landschap anno 2026
Als ik eraan denk moet ik weer lachen. En ik herinner me dat ik ook destijds keihard lachte en zei dat dat nou niet de meest gepaste reactie was, ‘gefeliciteerd’. Hij schrok even, vroeg me of ik het erg vond, dat ontslag. Nee natuurlijk niet, lachte ik keihard door de telefoon. Eindelijk vrij! Eindelijk weg uit dat corporate niets doen vermomd als business development. En eindelijk doen waar mijn hart sneller van klopte en waar ik beter in ben dan menig ander: schrijven. Aldus geschiedde, tot Theo op 2 november 2004 vermoord werd. Ik was een van de eerste mensen die het hoorde en die dag, die week, die maanden en jaren erna waren een zwart gat.
En nu staan we hier, 22 jaar later. In een samenleving met een politiek landschap waar elke columnist lol aan kan hebben maar wat in feite om te huilen is. Onze praalpremier noemt anderen amateurs terwijl het hem zelf geeneens lukt een belastingplan op te tuigen. Onze vice-premier is een asielzoeker (gotta LOVE Nederland) die haar snor drukt omdat de VVD niet drie kabinetten op rij kan laten vallen. We hebben een kabinet waarvan niemand weet wie erin zit – Theo zou iedereen een koosnaam hebben gegeven. Oppositieleider Wilders mocht geen premier worden en staat er elke keer toch weer wél. CDA’er Bontenbal die de NPO nooit zal opheffen want tja, anders moet ie naar de Tweede Kamer om zijn woorden uit te spreken in plaats van aan een talkshowtafel.
Schrijven
22 jaar na de moord op Theo van Gogh, worden we geregeerd door de ergste kleuterklas van volwassenen ever. Er is één lichtpuntje: ik ben geen business development manager meer. Mijn vák is schrijven, mijn kennis is vastgoed, en ik mag dat combineren als hoofdredacteur van Overwaarde. Beter wordt het niet. Deze week heb ik een ge-wel-dig boekje afgemaakt met vastgoedwijsheden, speciaal voor iedereen die naar onze Overwaarde-events komt. En naar het congres van Vastgoed Belang.
Ik ben geworden wie ik moest worden. Zo verschrikkelijk jammer dat ik dat niet kan delen met de man aan wie ik dat toch wel te danken heb.


















